Achtergrond

Kinderen leren omgaan met geld
Dit aspect behandelt de waarde en soorten van betaalmiddelen (evenals het gebruik daarvan), omgaan met zakgeld, de functie van sparen en het belang van kassabonnen.

Het laatste aspect betreft productinformatie en kwaliteit. Hierbij staan het belang van kwaliteitsaspecten, het vergelijken van prijs en kwaliteit, het uitvoeren van eenvoudige producttesten, het lezen van informatie op etiketten en de gevolgen van consumptie voor het milieu centraal.

Keuzes maken
Naast deze drie aspecten van het kerndoel, is het belangrijk dat kinderen tijdens gesprekken weten wat het onderwerp is dat besproken wordt en dat er aandacht is voor verschillende processen en/of behoeften. Dit kan door het onderwerp nadrukkelijk te benoemen tijdens de gesprekken met kinderen. Daarnaast is het belangrijk extra vragen te stellen gericht op hoe kinderen keuzes maken, op welke kenmerken ze daarbij letten en hoe ze tot een beslissing komen. Ook bij gesprekken over commerciële invloeden, als bijvoorbeeld reclame, kan sterk aandacht besteed worden aan het proces bij kinderen door bijvoorbeeld te praten over wat ze doen met de reclame die ze op de televisie zien. De groep kan ook een gezamenlijk doel stellen, waarbij rekening wordt gehouden met enkele individuele behoeften.

Om in het basisonderwijs aan kerndoel 35 aandacht te besteden, is het werken met de Klasse!kas een efficiënte en effectieve werkwijze.

Onderzoek
Uit het Scholierenonderzoek 2006-2007 van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (NIBUD) is te zien dat voor het eerst sinds elf jaar dat middelbare scholieren geld overhouden aan het eind van de maand. Het NIBUD concludeert dat scholieren hun uitgaven beter afstemmen op hun inkomsten. In vergelijking met het vorige onderzoek in 2004-2005, bleek dat ouders meer uitgaven betalen voor hun kinderen. Hierdoor zijn de kinderen zelf minder verantwoordelijk voor hun totale uitgaven en leren deze minder goed in balans te houden en/of te krijgen. Ook bleek er dat bijna de helft van de scholieren wel eens geld leent.


GKB
In het werkgebied van de Gemeenschappelijke Kredietbank (GKB) Drenthe, lopen de schulden van de hulpvragers tussen de 18 en 25 jaar op van een gemiddelde schuld van 26.000 euro in 2005 naar 30.000 euro in 2006. De GKB Drenthe probeert via preventieactiviteiten gericht op kinderen en middelbare scholieren te voorkomen dat ze op latere leeftijd schulden krijgen.

De Klasse!kas is hier een voorbeeld van. Het is gericht op de bovenbouw van het basisonderwijs. Op deze website kunt u lezen hoe er met de Klasse!kas in de groep gewerkt kan worden, zodat kinderen leren goed om te gaan met geld.